5 oktober 2017

Vrijstellingsmethode ook van toepassing in de door Nederland met de Golfstaten afgesloten belastingverdragen

De staatssecretaris van Financiën heeft op 13 september 2017 goedgekeurd dat inwoners van Nederland de zogenaamde vrijstellingsmethode kunnen toepassen voor werkzaamheden die in dienstbetrekking worden verricht in een van de Golfstaten (Bahrein, Koeweit, Quatar en de Verenigde Arabische Emiraten), Oman en Saoedi-Arabië.

Nederland stelt arbeidsinkomen, dat ter heffing is toegewezen aan een land waarmee Nederland een belastingverdrag heeft gesloten, over het algemeen vrij middels de zogenaamde vrijstellingsmethode (met progressievoorbehoud).

In een aantal gevallen schrijven de belastingverdragen met de Golfstaten over het algemeen een zogenaamde credit (of verrekenings-) methode voor. Deze methode is in het algemeen minder gunstig omdat slechts de daadwerkelijk in het werkland betaalde belasting in Nederland voor verrekening in aanmerking komt. Gesteld kan worden dat de vrijstellingsmethode altijd gunstiger is indien het buitenlandse tarief lager is dan het gemiddelde Nederlandse tarief.

De staatssecretaris is van mening dat de verrekeningsmethode tot onbedoelde verschillen in behandeling en concurrentienadelen leidt voor inwoners van Nederland die in een van de Golfstaten in dienstbetrekking werkzaam zijn.

Om die redenen wordt goedgekeurd dat inwoners van Nederland die werkzaamheden verrichten in een van de hiervoor genoemde landen (en waar het heffingsrecht onder het desbetreffende belastingverdrag is toegewezen aan een van die landen) de vrijstellingsmethode mogen toepassen.

Het besluit van de staatssecretaris werkt terug tot 1 januari 2015.

Amsterdam, 5 oktober 2017

Voor nadere informatie over dit onderwerp kunt u contact met ons opnemen via